
De rode bloedcellen zijn van mens tot mens verschillend. Op de celwand van de rode bloedcellen bevinden zich de bloedgroepkenmerken, de eiwitten. Niet ieder mens heeft dezelfde eiwitten op zijn rode bloedcellen. De structuren die door deze eiwitten worden gevormd, zijn onder te verdelen in verschillende groepen: de bloedgroepen. Het meest bekend zijn A, B, AB en 0 (nul) van het AB0-bloedgroepsysteem.
Op de rode bloedcellen kan ook een rhesus D-factor aanwezig zijn. Dit verdeelt de bovengenoemde bloedgroepen onder in positief (rhesus D-factor aanwezig) en negatief (rhesus D-factor niet aanwezig). De meeste mensen (84%) hebben rhesus D-factor.
Hoeveel bloedgroepen zijn er?
Meer dan 100, maar voor de dagelijkse praktijk gaat het vooral om de bloedgroepen A / B / 0 / AB en om de Rhesus-factor positief of negatief. De combinatie van deze twee systemen levert dus 8 bloedgroepen op: A+, A-, B+, B-, 0+, 0-, AB+ en AB-.
Welke bloedgroepen komen het meeste voor?
Binnen de Nederlandse bevolking zien we vooral de bloedgroepen 0 (47%) en A (42%), in duidelijk mindere mate B (8%) en AB (3%). Daarnaast is 85% Rhesus positief en 15% Rhesus negatief. Veel donors en patiënten zijn dus A+ of 0+ en weinig donors en patiënten zijn B- en AB-.
Welke bloedgroep krijg ik van mijn ouders?
In het onderstaande schema is te zien welke bloedgroep de kinderen van een ouderpaar kunnen krijgen en welke niet. Dit schema geldt voor het AB0-bloedgroepsysteem.
ABO – Bloedgroep
van de ouders | Mogelijk bij
het kind | Onmogelijk bij
het kind* |
A en A | A en 0 | B en AB |
A en B | A, B, AB en 0 | - |
A en AB | A, B en AB | 0 |
A en 0 | A en 0 | B en AB |
B en B | B en 0 | A en AB |
B en AB | A, B en AB | 0 |
B en 0 | B en 0 | A en AB |
AB en AB | A, B en AB | 0 |
AB en 0 | A en B | AB en 0 |
0 en 0 | 0 | A, B en AB |
*In bijzondere situaties is soms een andere bloedgroep mogelijk.
Voor de Rhesus-factor geldt het volgende. Als beide ouders negatief zijn, dan is het kind ook negatief. Als beide ouders positief zijn of als de ene ouder positief is en de andere ouder negatief, dan kan het kind zowel positief als negatief zijn.
Aan welke bloedgroep is de grootste behoefte?
Het liefst geven wij patiënten bloed van hun eigen bloedgroep. Dus een patiënt met bloedgroep AB positief geven we bloed van een AB positieve donor. Daarom heeft de bloedbank alle bloedgroepen hard nodig. De bloedgroep 0 negatief wordt relatief veel gebruikt in de ziekenhuizen doordat bijna iedereen met welke bloedgroep dan ook dit bloed kan ontvangen. Als er bijvoorbeeld bij een ongeval of een grote operatie in het ziekenhuis plotseling veel bloed nodig is, dan komt bloedgroep 0 negatief altijd van pas. Ook als er een tekort is aan bloed van een andere bloedgroep, kan 0 negatief als vervanger optreden. Om deze redenen is er altijd een ruime voorraad 0 negatief bloed nodig en zal de bloedbank soms donors met deze bloedgroep extra vaak oproepen voor een donatie.
Welke bloedgroepen passen bij elkaar?
Voor het AB0-bloedgroepensysteem gelden de volgende principes. Bloed van bloedgroep 0 kan aan iedereen worden toegediend. A kan gegeven worden aan patiënten met A en AB. B kan naar B en AB. AB kan alleen worden toegediend aan mensen die zelf ook AB hebben. Voor het Rhesussysteem geldt dat Rhesus-negatief bloed aan iedereen kan worden gegeven, Rhesus-positief bloed alleen aan mensen met een positieve Rhesusfactor. Bovenstaande regels gelden voor bloed, niet voor bloedplasma. Als een patiënt door eerdere bloedtransfusies of een zwangerschap een antistof tegen een bepaalde bloedgroep heeft dan moet naast de bovengenoemde AB0-Rhesus bloedgroepen ook met andere bloedgroepen worden rekening gehouden.
Welke bloedgroep kan aan iedereen worden toegediend?
De bloedgroep 0 negatief kan over het algemeen aan iedereen worden toegediend (‘algemene gever’).
Welke bloedgroep kan van iedereen ontvangen?
De bloedgroep AB positief kan over het algemeen van iedereen ontvangen (‘algemene ontvanger’).
In bijgaand schema ziet u welke bloedgroepen een ontvanger van een bloedtransfusie al dan niet toegediend kan krijgen.
| geef\krijg | A + | A - | B + | B - | AB + | AB - | 0 + | 0 - |
A + | + | - | - | - | + | - | - | - |
A - | + | + | - | - | + | + | - | - |
B + | - | - | + | - | + | - | - | - |
B - | - | - | + | + | + | + | - | - |
AB + | - | - | - | - | + | - | - | - |
AB - | - | - | - | - | + | + | - | - |
0 + | + | - | + | - | + | - | + | - |
0 - | + | + | + | + | + | + | + | + |
Heb ik na een bloedtransfusie twee soorten DNA in mijn lichaam?
Nauwelijks. In de eerste plaats hebben rode bloedcellen geen kern en dus geen DNA. In de tweede plaats hebben rode bloedcellen een beperkte levensduur van enkele maanden. Een bloedtransfusie overbrugt dus een periode van bloedarmoede, maar daarna is het lichaam weer aangewezen op de eigen productie van rode bloedcellen. Van de toegediende cellen is dan niets meer over.
Heb ik na een beenmergtransplantatie twee soorten DNA in mijn lichaam?
Ja. De donor is met zorg gekozen en zal met betrekking tot de zogenaamde ‘weefseltypering’ (kenmerken van witte bloedcellen) zo veel mogelijk lijken op de ontvanger, maar het DNA van de donor zal niet identiek zijn aan het DNA van de ontvanger. Er zijn, als alles goed gaat, na de transplantatie dus twee verschillende ‘DNA-profielen’ te onderscheiden. Het is zelfs mogelijk dat de ontvanger wisselt van bloedgroep (dat is een kenmerk van rode bloedcellen).
Wat is een HLA getypeerd bloeddonorschap?
Van iedere donor wordt een aantal bloedgroepen bepaald. Meestal betreft het bloedgroepen van de rode bloedcellen, het meest bekend zijn natuurlijk de AB0 en de Rhesus bloedgroep. Ook de witte bloedcellen (leukocyten), de bloedplaatjes (trombocyten) bezitten echter bloedgroepen. Het meest bekende systeem van bloedgroepen van witte bloedcellen, stamcellen en bloedplaatjes is het zogenaamde HLA systeem. In Nederland zijn zo’n 30.000 bloeddonors na vooraf verkregen toestemming getypeerd voor deze kenmerken. Deze HLA typeringen geven de bloedbanken de mogelijkheid speciale bloedproducten te vervaardighen zoals HLA getypeerd trombocytenconcentraat en HLA geselecteerde stamcellen ten behoeve van stamcel transplantatie.
 | 


Welke bloedgroepen kan een kind krijgen? |